READER

DISCUSSIE

DISCUSSION ONLY DUTCH VERSION

 

 

Wie zijn de primaire muziekopvoeders?

Who are the primary actors in musical education?

Please, scroll down

Paul TIMMERMANS

MUZIEK UIT HET LEVEN GEGREPEN

in:

Verslagboek 4de dag van de schoolmuziek (1995)

Muziek uit het leven gegrepen.

Leuven, MVO, 1996

p. 3-15

 

1. COMMERCIE EN MUZIEK

Het is jou vast óók al overkomen dat je op dezelfde dag in de voormiddag de ene grootstad aandoet, in de namiddag doorreist en terecht komt in het centrum van een naburige stad. Is het je dan opgevallen hoe stérk het straatbeeld van het ene winkelcentrum (reclameborden, neonverlichting, etalages, winkelketens enz.) treffend gelijkt op het hartje van gelijk welke ander stad? Het aanbod van verkoopsartikelen is algemeen zeer gevarieerd en gemakkelijk verkrijgbaar zodat je zeker de knapste jurk of de auto van je dromen kan kopen. Die variatie in consumptie is echter begrensd door de wetmatigheden van massaproductie, of het nu gaat om stofzuigers, computers, parfums, tegels, merkkledij, boeken of muziekapparatuur. De aanbiedingen en de prijzen zijn grosso modo gelijklopend of je nu winkelt aan het Gouden Kruispunt tussen Diest en Leuven, in het Shoppingcenter van Woluwe of van Wijnegem of in hartje Oostende. Dit westers basispatroon van commercie gaat ook op voor CD's, videocassettes en interactieve CD's die in een platenzaak worden aangeboden.

Gaan we als muziekopvoeders er niet achteloos aan voorbij hoezeer het productie- en consumptiesysteem ons samen-leven domineert en hoe het ons muzikaal leven op een uniforme wijze beroert ? Cultuurpessimisten gebruiken liever hoe het ons muzikale omgang "aantast". De optimisten zijn met hetzelfde fenomeen eerder opgetogen en spreken van cultuurverrijking, al was het maar dat concurrentie van artikelen een vlotte toegang tot het uitgebreide cultuuraanbod stimuleert en een bonte mengeling van muziekproducten garandeert.

 

2. DE MAATSCHAPPELIJKE REALITEIT
VAN ONZE MUZIEKCULTUUR VANDAAG

De toonaangevende muziekcultuur is vandaag NIET de klassieke toonkunst van Mozart of Beethoven en wordt ook niet meer gedirigeerd door cultuurpaleizen of door één elitegroep.
Degenen die vandaag klassieke muziek en musiceren in klassieke zin als hét criterium blijven hanteren van muzikale kwaliteit, betreuren de zgn. muzikale verloedering. Het ziet er echter naar uit dat dit superioriteitsgevoelen van de klassieke musicus langzaam maar zeker wegebt. Dat gebeurt zeker als men gewild of eerder toevallig geconfronteerd wordt met het professionalisme in het zogenaamde commerciële circuit. De commerciële muziek is helemaal niet zo schraal en de massaconsument niet zo fantasieloos en doof als men het vaak doet uitschijnen!
In het hedendaags muzieklandschap staan diverse muzieksubculturen rechtop, ontmoeten elkaar en -hoe kan het ook anders- ze bevruchten elkaar. Onze muziekcultuur is inderdaad een boeket bloemen aangeboden in een video-omgeving, waarbij de basistoon door de media geschilderd wordt: Phill Collins, Youssou N'Dour, Take That, Good Shape, Eddy Wally, Samson en Gert, Johan Verminnen, Pavarotti, Torhout/Werchter, Tien om te Zien ...
Het traditionele repertoire van de schoolmuziek speelt in dit scenario een figurantenrolletje.
Gelukkig beklemtoont het muziekonderwijs hier te lande het regionaal volkskarakter van muziekopvoeding minder en minder, en doen muziekpedagogen onder ons al iets méér dan Ikkeltje Kramiekeltje, Het loze vissertje of de Moldau van Smetana.
Uit de rangen van de schoolmuziek uit de jaren vijftig en zestig klinkt "muziek VOOR en IN het leven van iedereen " als adagium nog na onder het label 'echte opvoeding van het volk' : "Geef op school de muzikale rijkdom van het volk zodanig door dat deze brok cultuur in het latere leven van de toekomstige volwassenen een eervolle plaats krijgt."
Zijn dromen bedrog, denk u? Nee, deze droom van de muziekpedagogen niet. Hij is vanzelf uitgekomen.

 

3. DE ECONOMISCHE MEDAILLE VAN ONZE MUZIEKCULTUUR IN MUZIEKPEDAGOGISCH PERSPECTIEF

Laat ons in muziekpedagogisch perspectief beseffen dat het economisch leven onze omgang(swijze) met muziek op een ingrijpende wijze beroert, op de eerste plaats in positieve zin.
Je stapt bijvoorbeeld in Brussel, Tienen of in Roeselare FREE RECORDS of MEGASOUNDS binnen en daar kan je voor nog geen 200 fr. een gloednieuwe compilatie-CD kopen met unieke barokmuziek, uitgebracht door het gerenommeerde kwaliteitslabel Harmonia Mundi. Elf stukjes knappe klassiek, gebracht door de besten: bijv. La Petite Bande in een uitmuntende uitvoering bij jou op bezoek voor amper 20 fr. het stuk oftewel 3 fr. per minuut. Daar kan je geen enkele solist voor doen afkomen!
Van een stunt gesproken. Niet te koop in een muziekhandel of platenshop maar enkel verkrijgbaar in een gewone dagbladwinkel voor de symbolische prijs van 100 BF haal je de weekeditie van TV-Story af met een exclusieve CD boordevol prestigieuze filmmuziek geknipt uit Out of Africa, Amadeus enz. .
Net zoals paardrijden, skiën en tennissen geen elitesporten meer zijn, zo kunnen we vandaag zonder problemen gewagen van de democratisering van klassieke muziek dank zij ... ons economisch systeem. De schoolmuziekwereld profiteert mee van succesvol management in de muziekindustrie.
De klassieke muzieksector ontsnapt ook niet aan de greep van de economische wetmatigheden. Wie kent bijvoorbeeld operaster Luciano PAVAROTTI niet, product van uitgekiend zakenbeleid?
De ware toedracht van de economische realiteit van muziek ligt niet verscholen in één of andere opvoedende taak of in een liefdadigheidsproject op wereldschaal. Want via de verspreiding van bijv. supergoedkope compilaties kan de video- en muziekindustrie smaakmakertjes op de markt gooien die uiteindelijk het jachtterrein (het kliënteel met klassieke smaak en met GELD) vergroten om tenslotte exclusieve, veel duurdere muziekproducten aan de man te brengen. Zelfs de kritische muziekconsument ontloopt de dans niet.
Voor hetzelfde kabelgeld waarmee je VRT, ROB, TVE of VT4 kan kiezen, is er zelfs een TV-station 24 op 24 in de ether met muziek voor jongeren (MTV).
Deze economische medaille van muziekconsumptie heeft inderdaad een keerzijde. Je lieve buur gooit zijn raam open en laat de hele omgeving "genieten" van zijn muzikale voorkeur. Je kinderen genieten keihard van "hun" muziek terwijl jij - moegetergd van de zenumwslopende files - nog enkel kan openstaan voor een beetje rust en stilte.
Kiezen en luisteren? Nee, je moet in de huidige context van overweldigende mediatoevoer zelfs geen muziek meer kiezen of speciaal betalen, eens je radio of televisie aan staat: de muzikanten komen zelfs ongevraagd op je af en dringen binnen in je niets vermoedend bewustzijn zoals het verging met het Paard van Troje. Ze achtervolgen je ongevraagd tot voorbij de rinkelende kassa van de supermarkt of zwemmen achter je aan in het stedelijk zwembad. Sony heeft recent een CD-reeks (Musiques gourmandes) bedacht die je in de exacte stemming brengt voor wat erop je bord komt: lasagna met een portie Puccini en Verdi terwijl "Weense" pudding een vleugje Strauss verdient. Muziek als doorslikker!
"We worden wakker met muziek en we kunnen niet slapen van de muziek bij de buren ". Media-muziek manifesteert zich in onze huidige samenleving ten allen tijde als een opdringerige levensgezel.
De leuze van de schoolmuziek "Geef muziek een plaats in je leven" is al gerealiseerd. Althans kwantitatief.

4. DE TECHNOLOGISCHE VOORUITGANG ALS KENMERK VAN ONZE MUZIEKCULTUUR

Onze moderne communicatie wordt algemeen gekenmerkt door een enorme expansie op hoogtechnologisch vlak. Het minste dat gezegd kan worden is dat het er snel aan toegaat in het wereldje van computertechnologie en multimedia. Als men in de huidige hitech-sector het woordje "vroeger" uitspreekt, dan bedoelt men daar nu een tijdspanne mee van slechts vier maand (!) geleden. De evolutie in de multimediawereld is - einde twintigste eeuw- nog maar pas op gang gekomen! Hét toverwoord is vandaag INTERNET waarmee je in een fractie van een seconde in interactie treedt met gelijk wie over gans de aardbol. Deze gang van zaken geldt ook voor computergenoten uit de (populaire) muziekwereld. Moderne muziekmakers benutten niet meer de post(duif) maar computernetwerken om bijvoorbeeld elkaars grooves uit te wisselen. Ze werken vanuit twee locaties (bijv. in London en Amsterdam) op hetzelfde moment samen aan de productie van nieuwe muziekfiles.

Maatschappelijke fenomenen gaan hand in hand met technologische verbeteringen.
Mijn platenspeler had ik bewust niet van de hand gedaan omdat een belangrijk deel van mijn LP-collectie uit de jaren zeventig en tachtig nooit zal verschijnen op CD. En toch moet ik tot mijn verbazing vaststellen dat ik sinds de overgang op CD-speler enkel nog CD's beluister, dus muziek op de markt gebracht sinds 1990.
Het muzikale keuzegedrag van de consument is misschien gekoppeld aan de technische kwaliteit van klank of muziekproducten maar nog meer aan de actuele soft- en hardware die de audio-markt aan de consument ter beschikking stelt.
De digitalisering van klank en beeld (via gesofisticeerde computertechnologie) heeft zowel de geluidskwaliteit als de wijze van muziek bewaren, van muziek produceren en beluisteren grondig veranderd.
Zo heeft de videoclip in de jaren tachtig niet alleen de look van rock en popmuziek bepaald. De meeste rock- en popartiesten zijn hun muziekproduct gaan aanpassen, eigenlijk muzikaal bedenken, in functie van een complete story op het beeldscherm, volledig afgehandeld in een paar minuutjes. Het muzikaal denken kwam in dienst van het visuele: de song wordt vastgepind op het bewegend beeld en de instrumentale uitvoering die vroeger visuele ondersteuning was, werd verwezen naar de marge van het audiovisueel spektakel.
Waar we muziekpedagogisch niet meer omheen kunnen, is het feit dat alle kinderen in de jaren negentig muziek ervaren als iets dat niet meer apart staat maar onderdeel is van een kijkspel.
Tot het begin van deze eeuw (tot aan de uitvinding van de platenspeler) ZAG men muziek uitvoeren. Pas door de uitvinding van de plaat en de platenspeler kreeg het moderne westen een middel in de schoot geduwd waarmee je muziek enkel ten gehore kan brengen. De evolutie naar radiomuziek in de jaren vijftig heeft het auditieve helemaal losgemaakt van het visuele.
In de jaren tachtig is dit proces van muzikale "abstractie" door sampling van geluid en muziek ten top gevoerd. Een MIDI-gitarist speelt hobo op zijn snaren. Akoestische instrumenten en orkesten worden gesimuleerd op samplers en synthesizers zodat het oorspronkelijk verband tussen instrument en verklanking van dat instrument compleet verbroken is, zeker voor kinderen. De technologische vooruitgang heeft ervoor gezorgd dat deze "misleiding" door 95 % van het publiek niet opgemerkt wordt en ingeburgerd is als normaal gegeven bij het produceren van hits en clips. De nieuwste synthese-instrumenten, ontworpen door Yamaha, Technics en Korg, tarten de verbeelding van creatieve sound-bouwers die zonder één plank of buis te bewerken in staat zijn om virtuele muziekinstrumenten tot leven te brengen. Pinoccio achterna.

 

5. PRIMAIRE MUZIEKOPVOEDERS

Het is inmiddels genoegzaam bekend: de primaire muziekopvoeding is niet in handen van pedagogen. De muzikale stempel wordt op onze schoolgaande jeugd gezet door het televisiemedium en al wat draait om audiovisuele producties.
In de middelbare school verklaren we de impact van bijv. MTV op het muzikaal bewustzijn van de jongeren stukken groter dan dat ene wekelijks uurtje muziek, hoe knap en uniek de muziekpedagoog het ook brengen mag. Daar lijdt bijvoorbeeld het vak wiskunde veel minder onder.
Uit recent onderzoek blijkt hoe media-muziek een levensingrediënt is van alle generaties. De school van de gemeenschap is niet het Gemeenschapsonderwijs of welk onderwijsnet ook. De televisie is voor de hele populatie het vormingskanaal bij uitstek.
Ons muziekonderwijs kan -hoe sterk we dat ook betreuren- absoluut niet concurreren met de media die constant invloed uitoefenen op het muzikaal denken en doen van de jeugd. De tijd dat muziek op school bepalend was voor de culturele background van onze kinderen, is voltooid verleden tijd.
Die concurrentiestrijd -als daar sprake van is - KUNNEN we NOOIT in ons voordeel laten beslechten. Dit heeft niet zozeer te maken met de muzikale stroom die continu over ons uitgestort wordt. De primaire muziekopvoeders, de media, blijven -hoe we het draaien of keren- minstens een extra lengte voor op de muziekopvoeders op school. Op momenten dat kinderen niet gedwongen worden om iets aan te nemen - de vele uren buiten het verplicht weekrooster - zijn ze ontzettend gemakkelijk "bespeelbaar". De solidariteit onder de jongeren versnelt en verstevigt hun muzikale oriëntatie naar de wereld van de media.

 

6. DE 'MORNING AFTER'

De morning after - kwestie is dan:
Waarom nog muziek op school geven als muziek zelfs zonder de minste moeite en zonder training van vaardigheden(!) - bovendien ONGEVRAAGD - in je schoot terechtkomt?

... Juist! Daarom.
Het antwoord is inderdaad: omdat we de kinderen en jongeren iets meer te bieden hebben: muzikale OPVOEDING. Het muziekonderwijs is er niet om andere (zgn. betere) muziek over te brengen maar iets te betekenen voor hun ontwikkeling als persoon. Leerinhouden in functie van kwaliteitsverbetering, gericht op persoonsgerichte gedragsverandering (=leren).

Geïnspireerd op de publicatie De school staat niet alleen van de Koning Boudewijnstichting komen we voor het thema "muziek uit het leven gegrepen" tot de volgende streefpunten. Wat hebben we broodnodig in muziekonderwijs?

1. Openheid: het enthousiasme om vol goede moed en met een wakker oor in onze multiculturele samenleving een muzikale ontdekkingsreis aan te vatten. De Franstaligen noemen dat: l'éveil musical. Een houding die goed is zowel voor de leerling als voor de muziekopvoeder. Onderschatten we het medium van televisie niet: we beschikken over tientallen TV-zenders die over een week gespreid aan alle takken en genres van kunst en muziek aandacht schenken met inbegrip van nieuwe producties.
2. Soberheid, om nog eens verwonderd te kunnen zijn voor het muzikaal artistieke. Een oorspronkelijke gerichtheid ontwikkelen om in een wereld van fastfood, wegwerp-artikelen, van over-acting en stress, stil te kunnen staan (zonder te willen be-heersen) bij de zintuiglijke en creatieve beleving van klank en stilte. Het platform om zich weerbaar te maken in de toevloed van muziek. De basis om maatschappijkritisch met consumptiemuziek om te gaan. In die zin speelt muziekonderwijs een beetje stoorzender.
3. Aanmoediging om met muziek intens bezig te zijn op een geïndividualiseerde wijze. We zullen op school muzikale actie niet exclusief koppelen aan de wijze waarop de klassieke toonkunstwereld muziek aanleert, maakt en beleeft.
4. Tenslotte moet "muziek uit het leven gegrepen" het respect voor anderen en voor hun muzikale subcultuur stimuleren zodat iedere groep in de multiculturele samenleving op een actieve manier aan zijn trekken komt.

 

7. MUZIEK ALS MAATSCHAPPELIJK GEGEVEN IN DE KLAS

Zoals wij het in het MVO-tijdschrift Ouverture al herhaaldelijk hebben gesteld, kunnen we ons niet meer opsluiten in het besloten wereldje van de stricte schoolmuziek. Het woord 'maatschappij' is geen vies of overtollig begrip in de woordenschat van muziekpedagogen die tenslotte ook niet buiten of boven de maatschappij kunnen leven.
Wij zijn erop aangewezen om in het muziekonderwijs niet NAAST de maatschappelijke gegevenheid van muziek te lopen. Integendeel.

De leerlingen moeten wij in het beperkt aantal lesuren muzikale opvoeding die er jaarlijks beschikbaar zijn,
1. helpen om "hun oren en ogen te reinigen", om hun geest open te stellen voor de boeiende verscheidenheid van 'muzieken' en voor het functionele van muziek in het dagelijks leven (de wereldoriënterende functie van muziekopvoeding)
en
2. hun eigen muzikale mogelijkheden binnen de bestaande context van hún manier van muziekbeleven ruime kansen tot ontplooiing geven. In deze muziekspecifieke oriëntatie van muziekonderwijs speelt de technologische component van muzikale omgangswijzen een cruciale rol.

Als wij muziek rechtstreeks uit het volle leven geplukt binnen de klasmuren binnenbrengen, d.w.z. bij kleuters, kinderen van de lagere school of jongeren van het secundair onderwijs, wat doen we daar dan mee ?
We kunnen spijtig genoeg de muziek welke onze maatschappij produceert, niet gaan plukken en keuren zoals appels en peren: de muziekproducten sorteren naar gewicht en vorm, en de slechte kwaliteit afvoeren naar het stort. Zo eenvoudig ligt het niet met muziekstukken en muzieksoorten. Muziek is méér dan de muziek zelf.
Met de "muziek uit het leven gegrepen" halen wij tegelijkertijd de dagelijkse omgangsvormen binnen, de manieren waarop kinderen buiten schoolverband omgaan met klank en muziek: van akoestisch behang tot de muziek waarop jongeren hun ziel uit hun lijf dansen. Samen met de tonen van de muziek haal je een hele leefcultuur in huis. Wat doen we muziekpedagogisch met de maatschappelijke omgangsvormen zoals meezingen, soundmix, karaoke of zich bewegend laten drijven op het ritme van de muziek? Wie A zegt, moet ook B zien aankomen.
Daarmee raken wij een delicaat maar essentieel aspect van het thema: gaan we het niveau van onze muzieklessen niet naar beneden halen als we de populaire toer opgaan? Gaan we m.a.w. de maatschappelijke waarden en normen die in muzikale inhouden schuilen en met onze muzikale gedragswijzen verweven zijn, op school bevestigen, afwijzen of uitdiepen ?
Over één ding zijn we het gemakkelijk eens: we zijn op school bereid om niet maatschappijvreemd te werken met kinderen, maar geraken wij als muziekpedagogen er dan uit ? We zien het zitten om in de muziekles náást klassiek andere muziekgenres en andere dingen dan Orff-spel te betrekken. Maar het zou toch een beetje eng zijn, en onrecht doen aan de origine en echtheid van techno, house of van een levenslied, als wij populaire muziek behandelen alsof het gewoon andere noten zijn.
Als wij maatschappijgerichter gaan werken in de muzieklessen, veranderen we niet zozeer het geweer van schouder maar zoeken we telkens naar een andere (de juiste) plek en een ander vizier.
Een appel leer je onderscheiden van een banaan of van een kastanje als je er niet alleen in bijt maar als je ook mag omhoog kijken: vanwaar de vrucht afkomstig is. We zullen in de muziekles dus iets verder moeten reiken dan uitheemse vruchten als curiosa aan bod te brengen. Hier hebben we het dus over afkomst en teeltcultuur van de producten die men kweekt.
Kortom, het gaat er niet om, bij gelegenheid op de plaats van mooiogende appeltjes ditmaal rijpe perziken in appelkratten te leggen en neer te kieperen voor de leerlingen. Dat dit gevaar van naïeve productverwisseling in de lespraktijk zeer reëel is, heb ik al meerdere malen ervaren. Vaak gebeurt het met de beste bedoelingen. In heel die maatschappelijke problematiek van de schoolmuziek is inderdaad het gevoelige punt dat we gemakkelijk blijven hangen in de plooien van de partituur en ten onrechte het referentiekader vergeten (bijv. "de Backeljauw-cultuur", de omstandigheden waarin de sarabande levensvatbaar werd in Europa of de locatie waar de Argentijnse tango tot leven is gekomen): de normen en waarden welke dit stukje muziek of dat muziekgenre echt in zich meedraagt.
"Allen die willen te kaap'ren varen" ga je maar echt kunnen zingen en verstaan als je het verhaal van de Ijslandvaarders kent en de huidige teloorgang van het zeevisserijberoep bij ons meemaakt. Heavy Metal en "industriële rockmuziek" behandel je dus best niet als muziek die uit dezelfde fruitkorf komt. Leerlingen moeten ervaren dat verschillende 'muzieken' verschillende subculturen in het algemeen en verschillende muziekwerelden in het bijzonder oproepen. De sound van the Beatles is vandaag de dag in onze samenleving zodanig geabsorbeerd dat geen enkele luisteraar nog steigert. Avantgarde verwijst niet alleen naar de nieuwheid van de klankenwereld maar nog veel meer naar de maatschappij die er nog niet rijp voor is. Over hits zeg je pas iets zinvol wanneer je de reële link legt tussen arrangement of wereld van muziekmaken met de rang of stand die de muzikant en zijn muziek etaleert.
Muziekopvoeding betreft dus meer dan het beluisteren en verklanken van muziek. De maatschappelijke dimensie staat niet buiten muziekonderwijs!

 

8. OPZET VAN DE SESSIES 11.11.95

Met de sessies op de vierde Dag van de Schoolmuziek hebben wij niet de pretentie om nu eens heel duidelijk en voor altijd komaf te maken met dit thema en het dan te laten voor wat het is.
Het is ook niet de bedoeling om aan de deelnemers nu eens eindelijk te laten zien hoe het MOET in de praktijk en wat niet mag.
Zeker, alle workshopleiders geven praktijkvoorbeelden eerder als mogelijkheden, hoe het KAN en vooral als doordenkertjes voor de eigen praktijk van de deelnemers.
We hebben ook gedacht aan andere toegangsmogelijkheden.
Om de juiste toedracht te vernemen over bijvoorbeeld de actuele luistergewoonten van jongeren uit het secundair onderwijs, hebben we nood aan informatie. Een aantal informatieve sessies voorzien de (muziek)leerkracht van background-informatie die voeding en corpus geven aan zijn(haar) muziekonderwijs. Wat betekent popmuziek eigenlijk als je het bekijkt door de maatschappelijke bril? Welke rol vervult de muzikant in zijn instrumentaal spel doorheen de maatschappelijke geschiedenis?
Wij zijn in dit verband ervan overtuigd dat de problemen rond schoolmuziek niet op te lossen zijn door er zoveel mogelijk praktijk en boeken tegen aan te gooien. Laat ons niet botweg hunkeren naar méér muziek op school maar naar intenser en meer verantwoord bezig zijn met items die betekenis hebben voor de persoonlijkheidsvorming van leerlingen. De band tussen leerling en media-cultuur moet elke muziekopvoeder op school ter harte gaan.
Wat we ons afgevraagd hebben, is of de kinderen tussen 6 en 12 door de media of los van de media nog een eigen kindermuziekcultuur ontwikkelen. Het antwoord is JA. Recent onderzoek van Europees niveau heeft uitgewezen dat kinderen vrij spontaan en los van de volwassenwereld nog een eigen wereld van zingen en dansen aan elkaar doorgeven. De verschillende typen van kinderdans (en kinderlied) blijven belangrijk als een soort oefenterrein van alle basisvormen van het menselijk bestaan. In Vlaanderen moet zulk onderzoek nog plaatsvinden, zodat we op deze Dag van de Schoolmuziek regionale conclusies voorlopig uitblijven.
Wie betrokken was bij het uitdenken van de Dag van de Schoolmuziek, heeft ondervonden dat veel sessieonderwerpen mogelijk zijn rond het thema "muziek als maatschappelijk gegeven in de klas". De uiteindelijke selectie laat verstaan hoe boeiend en hoe rijk deze thematiek is.
Eén item hebben we niet losgelaten: de maatschappelijke positie van de muziekleerkracht. De delicate positie van het vak muziek in het onderwijs beïnvloedt in hoge mate de jobbeleving van elke muziekpedagoog. Tenslotte trilt de muziekleerkracht ook mee op de tonen van de jachtige job. Die valse noten willen we via de dienst jobservice voor MVO-leden tijdens de Dag van de Schoolmuziek opvangen.

Om de resultaten van deze schoolmuziek-dag te bewaren en om NA deze dag in de muziekpedagogische praktijk inspiratie en hulp te krijgen, hebben we besloten om de inhouden van de verschillende sessies in boekvorm uit te geven. Daartoe moet dit verslagboek rechtstreeks bijdragen.

 

to READER-index

to HOMEPAGE-index


E-mail: MusicAnd (< click)

All rights © P.Timmermans

This page belongs to: http://www.multimania.com/musicand