Back tot the P-ART PARADISE  index

Back to VISIONARY HISTORY- START


DE VISIONAIRE  GESCHIEDENIS   VAN  DE TOEKOMST

HET BEGIN VAN EEN NIEUW MILLENNIUM,
DE   EENENTWINTIGSTE  EEUW
 
door  P-ART  © 2014

oorspronkelijk bedacht en geschreven in 1999 onder de titel: De geschiedenis van de toekomst
 
SCROLL DOWN




1



Wat iedereen intrigeert - mij ook - is de vraag: welke toekomst heeft onze wereld in de eenentwintigste eeuw?
De grootste bekommernis van de modale mens is beslist: zal de wereld er binnen dit en 100 jaar beter, mooier en leuker uitzien?
De hierna volgende schets van de aardse wereld in de 21ste eeuw is tegelijk een vingeroefening op de geschiedenis van een nieuw millennium waarvan we - ruw uitgedrukt - enkel het begin meemaken, dus niet het midden en ook niet het einde.
Alle doemdenkers ten spijt zal de aardse wereld in de komende decennia niet verdwijnen. De mensheid zal - soms op de valreep - elke poging tot zelfmoord verijdelen in de wijsheid dat de nieuwe mens van het nieuw millennium terugkeert naar  de eigen droom, nl.  dat de mens een centrale rol vervult in de verdere realisatie van de ruimtegeschiedenis.


De grootste vernieuwing in de nieuwe eeuw zal te maken hebben met het verdwijnen van het wiel.
Aanvankelijk uit nostalgische reflex zal de menselijke beschaving trachten het wiel te behouden als drager van menselijke vooruitgang - figuurlijk én letterlijk - maar weldra zal het nut blijken van de verplaatsbare ruimte zonder ruimtelijke verplaatsing: dé uitvinding die in de loop van de 21ste eeuw embryonaal duidelijk wordt maar pas tegen 2466 de menselijke beschaving van dat ogenblik onuitwisbaar zal bepalen.

Papier zal, in tegenstelling met wat de meeste mensen verwachten, NIET verdwijnen uit de toekomstige maatschappij. Het houtpapier zal volledig vervangen worden door een artificieel papier waarvan de complete houdbaarheid kan geschat worden op minstens één millennium.
Het nieuwe papier zal niet meer rechtstreeks beschreven worden met potlood of pen. Gedachten zullen als het ware vanuit de vezels van het papier zichtbaar worden zonder beschreven of bedrukt te worden.
Een papiervel zal door zijn vernuftige samenstelling - feitelijk pas echt uitgevonden in het jaar 2078 - nog lange tijd gebruikt worden als blad uit één laag. In de 22ste eeuw zal het meerlagig papiervel - niet dikker dan een millimeter - volledig ingang vinden. Tengevolge van het interactief karakter van het nieuwe papier dat mentaal een zekere vorm van artificieel bewustzijn zal krijgen, zal bijvoorbeeld de tweede of vijfde laag van het papier - zonder aanraken en in één oogwenk - van gedaante veranderen, bijvoorbeeld een onbeschreven vel worden.
De kwaliteit van het nieuwe luxepapier zal gekoppeld worden aan zijn meerlagige mogelijkheden. Het beste kan dit nieuwe papier vergeleken worden met een zeer grote creditcard, meerlagig van opbouw, mààr met een soepelheid die we nu al kennen van het huidige papiervel.

De computer zal vanaf 2018 een nieuwe vorm of gestalte krijgen en deze formule zal het ook nog doen nà de 21ste eeuw.
Deze nieuwe gedaante van een computer is eerder te vergelijken met een flexibele kubus van eerder geringe afmetingen die in staat is om bij wijze van spreken het papier op te eten, te beschrijven - in één oogwenk - met een inhoud van 6660004 gegevenseenheden. Die éénheid zal moeilijk vergeleken kunnen worden met de huidige geheugenomvang (megabyte of gigabyte) maar eerder met meerdere giga in het kwadraat.
Het nieuwe papier kan letterlijk ook aan de computer gegeven worden. De computer die een andere naam krijgt - een naam die eerder lijkt op troetel dan op computer - zal het papier vanaf 2051 automatisch en letterlijk kunnen verkleinen (aan de eigen input) tot bv. een velletje zo groot als een vingerhoed en dat ofwel compleet herbruikbaar is ofwel opnieuw kan beschreven met nieuwe data.
Voor het vermenigvuldigen zullen drukpers en offsetdrukkerij compleet verdwijnen, tenminste als eigentijds transportmiddel van gedachten. De nieuwe boeken die geproduceerd worden en materieel onverslijtbaar zullen blijken, kunnen aangepast worden aan de beschikbare ruimte (volgens het dynamisch verschijnsel van krimpen en uitzetten). Wrijf op de boekrug - aanvankelijk met je vinger, - later, d.i. na de 21 ste eeuw, zonder letterlijk te wrijven - en het boek wordt groter of kleiner van formaat naargelang je naar binnen toe wrijft of naar buiten toe.
In elk geval zal INKT van de aardbol verdwijnen als druk-ingrediënt.

In sommige streken der aarde zal de geschetste ontwikkeling nog niet courant voorkomen.
We zullen in elk geval het nu bekende alfabet blijven gebruiken zolang er niets fundamenteel verandert aan onze hersenen. Die fenomenaal driedimensionele verandering, los van tijd en ruimte, mag men verwachten tegen het einde van de 23ste eeuw. Op dat ogenblik zal deze verandering doorgang vinden, eenmaal 'andere'  contacten in de verre ruimte zich aan ons opdringen.



2


De grootste ingreep op onze mobiliteit wordt in de eenentwintigste eeuw het verdwijnen van het wiel. Dat hebben we al gezegd maar nog niet verduidelijkt.
Tot ver in de 21ste eeuw zullen auto's rondtoeren in de gedaante zoals wij deze nu kennen. Behalve oldtimers zal het straatbeeld uitermate gevoelig veranderen. Strenge reglementeringen zullen gelden.
De nieuwe auto zonder wielen staat op een wielloos chassis, dus zonder mechanische elementen of bedrading. De drijfkracht is een magnetisch veld dat ingesteld wordt op 20 cm van de begane grond of op 200 m in de hoogte. Dat betekent: wie kleine verplaatsingen maakt, maakt gebruik van de aangepaste wegenis. Wie op eigen houtje van streek tot streek of tussen landen navigeert, stijgt tot op de hoogtewegen. Deze hoogtewegen hebben verkeersborden en signalisatie die alleen voor de bestuurder virtueel waarneembaar zijn. Men zal toelaten vrij te navigeren.
Files of verkeersongevallen behoren tot het verleden omdat elke autocabine - technisch vergelijkbaar met de kwaliteit van een luchtdichte cockpit - virtuele sensoren bevat die de snelheid van het eigen voertuig tijdig doen afremmen of de wagens in extreme gevallen van de kant duwen, even stationeren. De snelheid zal onbeperkt zijn als de situatie het toelaat.
In verstedelijkte gebieden zal men voor men vertrekt, startplaats en bestemming invoeren in het instrumentenbord, om enkele ogenblikken later - jawel automatisch - te navigeren in het verkeer. Dat zal algemene regel worden voor de hoogtewegen.
Op de grondwegen zal men zelfstandig kunnen sturen. Algemene standaardsnelheden zoals wij deze moeten aanhouden in het bestaand verkeersnet, zullen in de eenentwintigste eeuw compleet verdwijnen. Naargelang het type van automobiel, naargelang de verkeerssituatie, naargelang het reliëf en de weersomstandigheden zullen dagelijks snelheidsnormen centraal aangepast kunnen worden en zullen dus per weg en per uur relatief gelden. In elke auto zal reeds voor 2010 een navigatiecontrolekaart aangebracht worden die toelaat niet alleen individuele routes en rijgedrag te reconstrueren maar ook plafondsnelheden, dus snelheidsbegrenzers, in te stellen. De vrijheid van de bestuurder blijft gehandhaafd maar wordt technisch gezien sterk beperkt. Deze tendens wordt later nog veel ingrijpender en algemener.

Voetgangers kunnen in de grote steden in plaats van met fietsen zich voortbewegen op grote stabiliserende voetplankjes die gehoorzamen aan hetzelfde magnetisch stuwingsprincipe dat we reeds aankondigden. Voetpaden worden geleidelijk aan vervangen in bijvoorbeeld gangen van luchthavens nieuwe stijl, zeker op plaatsen waar intens voetgangersverkeer bestaat.
Fietsen (zoals we ze nu nog kennen) zullen enkel nog als curiosa van de voorbije eeuw circuleren omdat er naast automobielruimten piepkleine eenmanscabines in gebruik komen waarin de passagier zich afgesloten van de buitenwereld verplaatst. Over deze ontwikkelingen zal lange tijd discussie blijven bestaan, omdat het verkeersnet liever werkt met verplaatsingen van grote groepen dan met individuele mobielen. Dat heeft ook te maken met het promoten van verkeerssolidariteit.
Milieuhinder, veroorzaakt door het traditioneel autoverkeer, zal verdwijnen. De verplaatsingen zullen, op vertrek en uitstijgen na, geruisloos gebeuren. De wegen leiden geen schade meer van de zware wielballast, zodat op termijn geld vrijkomt om het virtueel verkeer volledig op punt te zetten.
Deze verkeersontwikkelingen zullen pas op de drempel van de tweeëntwintigste eeuw definitief aanvaard worden maar ze zullen alleszins in verstedelijkte gebieden ingevoerd zijn. In ruraal gebied zal de discrepantie tussen oud - d.i. twintigste eeuws - en nieuw, kopzorgen baren.

De grootste vijand van de moderne mens worden evenwel het onzuivere luchtruim en de bescherming tegen stralen allerlei. Met onzuiver luchtruim bedoelen we niet alleen de massaal onzuivere lucht of het gebrek aan zuivere zuurstof in de woonomgeving waar we nu over bezorgd zijn. Deze pijpgiftigheid - uitlaatgassen van traditioneel voortgedreven voertuigen en industriële machines - is als een giftige angel die ongemerkt achterblijft in de huid van de samenleving der eenentwintigste eeuw.
De momenteel schromelijk onderschatte gevaren van bestraling allerlei worden in het millennium van de verplaatsbare ruimte zonder ruimtelijke verplaatsing een gigantische uitdaging en opdracht voor levende wezens die op aarde willen blijven voortleven.


3

Het eeuwenoude adagium "Een gezonde geest in een gezond lichaam" zal in de komende decennia grondig door elkaar geschud worden, al moeten we toegeven dat er geen enkel ander terrein uit de beschaving zo geruisloos en zo onopgemerkt verandering zal brengen voor iedereen als dat van onze uitwendige gedaante.
Terwijl de externe beweging een extreme expansie zal doormaken, zal het lichaam enkel nog via interne of mentale sturing in beweging gezet en gehouden worden. De grootste wijziging - voelbaar bij iedereen - zal betrekking hebben op het verdwijnen van het mechanisch (voort)bewegen met onze ledematen . De persoon zal zijn lichaam niet meer actief in beweging zetten. De nieuwe rage en cultus, later de gewoonste zaak van de wereld, wordt de vibratie op het lichaam en de bewegingspulsie. Kleine machientjes allerlei worden als erg sensibele werkwezentjes van kop tot teen vastgehecht op met de grootste precisie uitgedokterde punten en zones.
De translichamelijke training heeft niets meer met sport of atletisme te maken. Het lichaam wordt gebrainwasht zodat wij slechts via indirecte weg aan onze conditietraining sleutelen. Stilstaand bewegen zal effectief ingang vinden, de paradox voorbij.
Er is niet alleen de kortere afstand waarop we van elkaar komen te wonen - letterlijk en figuurlijk- maar het lichaam gaat in de eerste eeuw van het nieuw millennium een andere kant op. Het zal zeker nodig worden om ééns verre uitstappen in de ruimte voor de mens haalbaar te maken. Tijdens die verre uitstappen wordt de lichamelijke conditie op peil gehouden en zal men -indien gewenst- even dicht bij de naastbestaanden en bij zijn werkzaamheden kunnen blijven. De virtuele nabijheid zal een andere sensorische beleving inluiden.
Voorbeeldje. Wie tegenwoordig spreekt met iemand anders - live of per telefoon- gebruikt nog steeds zijn eigen stem.
Stemkracht en stemtimbre zullen gekocht kunnen worden en zoals in de tijd van de Zonnekoning met de pruiken, zo zal het naar het einde van de eenentwintigste eeuw gewoon zijn dat men in contact treedt met de andere via een gealiëneerde stem. Horen zal men doen via een uiterst sensibele hoofdtelefoon en niet meer via het organische oor.
De akoestische trilling van de fysiologische stem zal uit de mode geraken. Mensen zullen met elkaar verbaal nog communiceren via een artificieel spraakmedium en niet via de gewone stem, ook als men in dezelfde kamer vertoeft. Een nieuwe (dure) rage zal erin bestaan om een exclusieve of beroemde stem te kopen die men voor het leven mag hanteren.
Telefoneren of rechtstreeks spreken van man tot man zal vanaf ongeveer 2080 verdwenen zijn uit geciviliseerde contreien. Alles gebeurt VIA, of men kortbij leeft of aan de andere kant van de planeet aan het werk is.
De atrofie van de stem zal tegengegaan worden zoals het verzorgen van de wijsheidstanden. Eenmaal er iets fout gaat, zal men dit als nutteloos ervaren spraakorgaan verwijderen. Men zal het niet ervaren als een handicap maar als een gewone ingreep.
Terloops stippen we aan dat men op deze manier de communicatie in de gewenste taal op eenvoudige klik kan bepalen zonder enige training in de desbetreffende taal door te maken.

Terwijl de akoestische communicatie vervangen wordt door een artificiële verbale communicatie, zal het "handspreken" opgang maken en gecultiveerd worden zoals de welsprekendheid in de Oudheid. Met vingers en handpalm spreken heeft dan niet zozeer van doen met een mogelijke vervangtaal voor doven maar eerder met afstand en licht. Op de vingertoppen en tussen de vingerkootjes kan men uiterst gesofisticeerde kleefstrips aanbrengen. De positie van de vingerkootjes, de intensiteit van de vingerbewegingen en de ruimtelijke afstand tussen beide handpalmen creëeren dan communicatietekens in kleur en in geluid die naar de hersenen van de betrokken communicatoren worden doorgeseind. Het doet me denken aan de Thaise en Balinese danseressen die op een extreem geraffineerde wijze dansen uitvoeren met hun elegante vingers en handpalmen.
Stemgebruik is niet meer essentieel nodig in een nieuwe communicatie zonder woorden. Vertaalproblemen zijn in de nieuwe Toren van Babylon weldra van de baan. De nieuwe gebarentaal zal in speciale lessen aan speciale hogescholen gedoceerd worden aan mensen, die zich daartoe geroepen voelen, én aan mensklonen.
Artificiële mensklonen zullen - zoals boys of nanies uit vervlogen tijden - het werk uit handen nemen van de "natuurlijke" mensen die zich gaan wijden aan de cultivering van het eigen ras.
De ethische "preutsheid" van het kopiëren van artificiële mensjes zal reeds in 2026 van de discussietafel verdwenen zijn terwijl geleidelijk aan enkel nog technische problemen van totale inzetbaarheid van deze werklui ter discussie komen.


4

Als de virtuele nabijheid de norm wordt voor menselijke basiscommunicatie, wordt de behoefte aangewakkerd om niet-rationele driften en noden in de mens extra, d.i. kunstmatig, aandacht te geven.
Terwijl de twintigste eeuw een voorlopig culminatiepunt bereikte van verheerlijking van het technisch-rationele, zal de splitting tussen ratio en niet-ratio, tussen uitwendige en inwendige expressie zich verder doorzetten. Het transhumane, impliciet het ideaal van de twintigste eeuwse moderne mens, wordt geofferd op het altaar van de devotie.
Geen enkel ander eeuw zal trouwens duidelijker parallellen vertonen met de romantische en absolutistische beleving der achttiende eeuwse tijd, als de eenentwintigste eeuw.
Aangezien het monogodsdienstige beeld van het voorbije millennium vrij definitief ontworteld wordt in het straatbeeld van de eenentwintigste eeuw, zullen anderssoortige multi-goddelijke vereringen in exuberante proporties de kop opsteken, gaande van kleine genadeknuffeltjes tot processies en bedevaarten die virtueel - via de opvolger van het wereldwijd web van internet - kunnen samengesteld worden en indien gewenst dagelijks gehouden worden, alléén of mét gans de wereld. Huiskapelletjes krijgen hun plaats in de al dan niet virtuele hoek van elk huis. Bijgeloof wordt hét geloof en geloof in de ene god wordt getolereerd als nietszeggende afwijking.
Nee, in de eenentwintigste eeuw wordt het irrationeel belevingspatroon massaal geïnstalleerd in de mentaliteit en beleving van de toekomstige supersamenleving. Niets voor zonderlinge uitzonderingen. Wees gerust.
Als de mens dankzij spectaculaire genetische uitvindingen en genmanipulaties over zijn lichamelijk functioneren accurater beheersing krijgt, is de (soms zwakke) lichaamsconditie niet meer de oncontroleerbare factor waar men tot nu toe willens nillens moest mee rekening houden. Het virtueel uitstijgen uit het eigen lichaam - onder diverse vormen en formules - wordt het toppunt van lichamelijke extase.
Op het einde van de twintigste eeuw zijn al sporen waarneembaar van exuberante devotiepraktijken. De formalisering van onze menselijke communicatievormen zal in de eerste helft van de eenentwintigste eeuw volledig doorbreken en het verheerlijken van niet-religieuze rituelen en devotiepraktijken versterken.
In een nieuwe eeuw waar de natuurlijke dood en het natuurlijk ontstaan van menselijk leven bijna moeiteloos versneld, vertraagd of opgeheven wordt, gaat men minder en minder morele aandacht besteden aan vraagstukken zoals geboorteregeling en euthanasie.  Leven en dood komen in de handpalm te liggen van de rijkere sterveling, van de nieuwe technologische industrie.
"Kinderen op een natuurlijke verwekken en op de wereld zetten"wordt in de geciviliseerde samenleving uitzondering op de regel.  "Kinderen kopen" zal letterlijk worden opgevat. De maatschappij wordt daar in de eerste twee decennia van de eenentwintigste eeuw op voorbereid door spraakmakende gevallen.  Het fenomeen van de natuurlijke ouders en kinderen die onder hun hoede opgroeien en leven in de biologische familietrouw van weleer, zal plaatsruimen voor een contractueel relatiepatroon van relatieve duur.
Contractueel huwen tussen man en vrouw zal niet meer automatisch voor het leven gelden maar eerder voor een juridisch bekeken beperkte tijd afgesloten worden waarin beide partijen zich tijdelijk tegenover elkaar engageren en kunnen akkoord verklaren om kinderen op maat te bestellen en desgewenst op te voeden. De organische liefdesband die ontstaat wanneer man en vrouw een eigen nakomeling verwekken en spontaan de opvoedingstaak van het kind waarnemen tot aan de volwassenheidsgrens, dit gegeven komt op de helling te staan als het niet meer vanzelfsprekend wordt om mensen van eigen lichaam en bloed zelf op de wereld te zetten en groot te brengen.
Na 2050 zal het vaste relatiecontract apart en exclusief het kinderschap inschrijven in het basisakkoord voor een periode van twee of meer jaren. Een stap die vandaag enkel tot de verbeelding spreekt en nog niet tot reële mogelijkheden behoort, betreft de kinderen die meer en meer zelf hun fysische en/of virtuele ouders/opvoeders zullen kiezen. Ingewikkelder wordt de procedure naarmate men het einde van de 21ste eeuw nadert.
Wie zijn mijn ouders? Hoe heet ik binnen 50 jaar? Dit recht op dynamische aanpassing van de levensloop en afkomst wordt een passie in een maatschappij die in de eenentwintigste eeuw hunkert naar een vorm van nieuwe relationele stabiliteit.

Deze tendens naar een dynamische zelfbepaling van persoon, familie en samenlevingsvormen zal - paradoxaal genoeg - doorkruist worden door de toenemende waardering voor het koningschap.. Vanaf de prille eenentwintigste eeuw zullen oude en vernieuwde vormen van koningschap aan historische betekenis en meer functie herwinnen. "Koning worden en zijn" heeft dan niets meer te maken met de uitgeholde functie van koningshuizen in westerse democratieën maar opnieuw met de magische en autentieke uitverkorenen van koninklijke geslachten.

Typisch voor de eenentwintigste eeuw wordt een striktere regelgeving voor particulieren welke in praktijk uiteenlopende vormen zal aannemen en die de supersamenleving in haar geheel zeer nadrukkelijk zal stroomlijnen. Deze gang van zaken ondermijnt geenszins het principe van persoonlijke vrijheid dat men wettelijk gezien niet zal loslaten, maar heeft alles te maken met het naderend einde van het individualisme als gedragsbasis: ongeveer vanaf 2065 zal het collectivisme hoog aangeschreven staan. Dit keurslijf van gedragswetgeving zal de nieuwe natuur van de menselijke beschaving bepalen op zoek naar nieuwe verhoudingen.
De naderende stabilisering en onafwendbare normalisering (uniformisering) van individueel gedrag, krijgen dan volledig gestalte binnen een netwerk van verfijnde beschavingsrasters (van dit past hier en dat hoort daar) eenmaal de laatste resten van het democratische beslissingsrecht à la negentiende eeuw opgekuist worden.
Het op til zijnde absolutisme zal weliswaar politiek en economisch een compleet aangepaste uitvoering krijgen die in niets of weinig zal gelijken op het lijfelijk absolutisme van de zeventiende en achttiende eeuw.
Virtuele beheerssystemen zullen namelijk gaandeweg hun "absolutistische" opwachting maken zodat het beeld van het individueel geërfde absolutisme van achttiende eeuwse monarchieën en negentiende eeuwse republieken verdwijnt.

Een mooi voorbeeld is het kopen van menselijk bestaan.
Terwijl men nu nog voornamelijk leeft "zolang het God belieft" , zal het mogen voortleven tot een bepaalde leeftijd een GUNST worden in plaats van een recht; de mens zal zijn leven enkel nog in handen krijgen onder de vorm van ruilcondities. Het stelsel van de huidige garanties op een fatsoenlijk leven na de arbeid, betaald door Vadertje Staat, zal met de algemene verlenging van de "eeuwige jeugd" in de eenentwintigste eeuw, onrustwekkende proporties aannemen en onhoudbaar worden. Pas vanaf 2044 zien we de maatschappij "rijp" om de sociale bescherming van kinderen en ouden van dagen, het pensioen als dank voor "bewezen" diensten, en het sociaal stelsel van financiële opvangnetten, voorgoed op de helling te plaatsen. De sociale strijd van Priester Daens - meer dan honderd jaar geleden - en het recht op leven zullen enkel nog in movies over vervlogen tijden anno 1900 te bewonderen zijn.
Men zal er niet om wenen, men zal er niet om lachen. Tot leven komen, gebeurt kortelings kunstmatig. Doodgaan is tegen het einde van de eenentwintigste eeuw geen individueel recht:  het wordt een algemeen maatschappelijk vraagstuk dat niet wordt beslecht door "natuurlijke afvloeiïng". Wie zijn leven verkoopt, kan op een druk bewoonde planeet als de aarde een plaatsje vrijwaren. De familiale band zal niet meer traditiegebonden blijven. Banden met anderen worden contractueel geregeld. Omwille van de virtuele nabijheid die er komt ook ten opzichte van andere zonnestelsels, zal die band in principe ook opgekocht en ingevuld worden door personen die je niet dagelijks in vlees en bloed nabij hebt maar elders op de wereldbol leven en toch veel te betekenen hebben voor jou.
De recyclage van het menselijk restafval wordt trouwens vanaf 2078 opgelost dankzij de op punt gestelde vernietigingstechnologie die vanaf dan de afgestorvene niet tot as maar tot "niets" kan reduceren. Daarom zal het persoonlijk verwerven van concessies voor graven en asurnen geleidelijk aan verdwijnen uit het aardse samenlevingsbeeld. Tegen ongeveer 2033 verwachten we de rage van "begraven worden in de ruimte" en vanaf 2062 zal het virtueel begraven algemeen ingang vinden.


5

De expliciete hang en drang naar beleving en communicatie via het formele gebaar wordt reeds vroeg in de eenentwintigste eeuw duidelijk.
Nog algemeen aanwezig in het dagelijk leven van de twintigste eeuw, wordt een aantal niet-virtuele communicaties zo zeldzaam en oninteressant, dat we van een renaissance kunnen spreken in de formele branche: brieven schrijven met inkt, brieven via een transferpersoon persoonlijk bestellen, vlaggen en wimpels uithangen, corsetten dragen, baldansen volgens een welbepaalde koninklijke traditie, Bal des Masques, iets kopen met fysisch geld, bootje varen op een "echte" vijver, fietsen in open lucht, broodbakken op het vuur van een echte bakoven, autenthiek wonen in een lemen huis, natuurlijke lucht in- en uitademen, hengelen met aas, luisteren naar redenaars, jodelen ...
Deze natuurlijke communicatievormen krijgen een renaissance, ongeveer vanaf 2036.
Wie boven jou staat, spreek je op een veel formelere manier aan dan iemand die zich op hetzelfde level bevindt. De drang naar formalisering in onze communicatie ontstaat niet zozeer door een behoefte om terug beleefd te zijn en te spreken tegen de overste, maar ontstaat uit de nieuwe machtsverhoudingen. Een motief is hier het gebrek aan inhoudelijke vastheid. Door de wereldwijde ontsluiting van kennis en macht via virtuele wegen, wordt de kwaliteit van informatie niet bepaald door de inhoud maar door de wendbaarheid ervan in erkende gebruikssituaties. Wat belangrijk is in de virtuele fysica, is niet wat de fysicus er mee doet, maar de aanpak door de niet-fysicus. De macht van kennis wordt de wendbaarheid van de informatie-inhoud. Kennis, inzichten, regels, stellingen... krijgen hun waarheidsgehalte niet van de vakspecialist maar van multifunctioneel gebruik.
Een leugen - een reëel onmogelijk gegeven of verband - wordt authentieke realiteit als daarmee bijvoorbeeld Antartica virtueel wordt naderbijgebracht. Een fysische waarheid - een gebeurtenis tengevolge van een oorzaak - wordt informatiekundig misschien een grote leugen in het virtueel construct dat opgang maakt in de nieuwe totaalwetenschap.
De grootste wetenschappelijke bevindingen uit de voorbije honderd jaar - vooral in de aardrijkskunde en in de geneeskunde - worden compleet ondergraven door nieuwe meta-inzichten.
Het begrip "ruimtelijke afstand" is vanaf 2018 compleet irrelevant. Het begrip "mens" wordt vanaf 2014 geleidelijk aan maar uiteindelijk revolutionair herdefinieerd. Dat zal zeker ook met het begrip "heelal" zo zijn. Geld als effectief fysisch betaalmiddel verdwijnt. Geluid als fysisch fenomeen van luchtdruktrillingen wordt een uitzondering van zodra de muzikale functie in de hersenen rechtstreeks geactiveerd kan worden. Zwaartekracht wordt in praktijk overwonnen.
De grote wetenschap wordt de holistische wijsheid waarin de klassieke wetenschappen - marginaal - toch hun plaats krijgen.
 
All Rights reserved to  P-ART © 2014
Visionaire geschiedenis van de toekomst.  Het begin van een nieuw millennium:
de eenentwintigste eeuw. 
Geschreven in 1999 onder de oertitel  "De geschiedenis van de toekomst"

Contact email  P-ART (< click)

Back tot the P-ART PARADISE  index

Back to VISIONARY HISTORY- START



This page belongs to: http://users.skynet.be/P-ART